Rechtsvormen

In grote lijnen bestaan er twee soorten rechtsvormen: organisatievormen zonder rechtspersoonlijkheid en rechtspersonen.

Ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid

In een organisatievorm zonder rechtspersoonlijkheid is de ondernemer privé aansprakelijk. Er kan dan geen onderscheid worden gemaakt tussen het ondernemingsvermogen en het privévermogen van de ondernemer.
In zo’n geval is bijvoorbeeld de ondernemer die met een eenmanszaak aan het economisch verkeer deelneemt, met zijn gehele vermogen aansprakelijk voor alle schulden. Is deze ondernemer in algehele gemeenschap van goederen gehuwd, dan kan deze aansprakelijkheid tot gevolg hebben dat ook het aandeel van de echtgenoot in de gemeenschappelijke bezittingen verloren gaat. (Men is gehuwd in algehele gemeenschap van goederen wanneer men geen huwelijkse voorwaarden heeft opgemaakt.)

Rechtspersonen

Wanneer een rechtspersoon – de tweede soort rechtsvorm – wordt opgericht, bijvoorbeeld een besloten vennootschap (B.V.), dan wordt een ‘nieuw rechtssubject’ geschapen. Een rechtspersoon is, net als de mens, zelfstandig drager van rechten en plichten. Dat betekent dat, wanneer via een rechtspersoon aan het economisch verkeer wordt deelgenomen, in beginsel alleen die rechtspersoon aansprakelijk kan zijn voor de schulden die uit het ondernemen voortvloeien.
De ondernemer met bijvoorbeeld een B.V. kan dan in principe niet méér geld verliezen dan het bedrag waarvoor hij in de vennootschap deelneemt, waarvoor hij aandelen heeft genomen. Dit geldt ook voor eventuele andere personen die een aandeel bezitten (aandeelhouders) in het kapitaal van de B.V. Daarmee is dus het risico dat men privé aansprakelijk wordt gesteld beperkt. In de regel zal de oprichter van een B.V. optreden als bestuurder van die B.V. Wordt in een juridische procedure onbehoorlijk bestuur vastgesteld, dan kan de bestuurder persoonlijk aansprakelijk worden gesteld.

Eenmanszaak

In Nederland kennen wij diverse organisatievormen zonder rechtspersoonlijkheid. Dit zijn de eenmanszaak, de maatschap, de vennootschap onder firma (vof) en de commanditaire vennootschap (cv). Wanneer een natuurlijk persoon voor eigen rekening en risico een onderneming drijft, is er sprake van een eenmanszaak. In dat geval wordt geen onderscheid gemaakt tussen het ondernemingsvermogen en het privévermogen.

Dit brengt met zich mee dat alle tot de onderneming behorende bezittingen en schulden, de baten en lasten van de ondernemer vormen. De ondernemer is als persoon zélf aansprakelijk. Dit betekent dat een schuldeiser van de eenmanszaak zich direct op het privévermogen van de ondernemer kan verhalen, terwijl de privécrediteuren zich ook op de bezittingen van de onderneming kunnen verhalen.

De maatschap

De maatschap is een samenwerkingsvorm tussen twee of meer personen, ‘maten’ genoemd, die met dat wat zij inbrengen een bepaald doel nastreven. De inbreng van de maten kan bestaan uit arbeid, geld en/of goederen. De afzonderlijke maten zijn niet verplicht allen een gelijke hoeveelheid in de gemeenschap te brengen. De maatschapsvorm wordt veel gebruikt door – vrije – beroepsbeoefenaren. Bijvoorbeeld een maatschap van artsen of accountants.

Ook in de agrarische sector wordt veelvuldig gebruikgemaakt van de maatschap als organisatievorm. Alle verplichtingen tussen de maten onderling worden bepaald door de tussen die maten gesloten maatschapsovereenkomst. Van oorsprong is de maatschap het samenwerkingsverband van beroepsbeoefenaren, van burgers en dus niet van kooplieden. Aangezien de wettelijke regeling voor de maatschap nogal summier is, verdient het aanbeveling bij de vormgeving van de maatschapsovereenkomst het advies van een deskundige in te winnen. De notaris zal u graag terzijde staan.

Openbare maatschap

Vroeger merkten derden niets van het bestaan van een maatschap. Men sprak dan ook wel van de stille maatschap. Meer en meer treden maatschappen als organisatie naar buiten op. Wanneer maatschappen als zodanig aan het rechtsverkeer deelnemen onder een gemeenschappelijke naam, spreekt men van een openbare maatschap. Het naar buiten optreden heeft consequenties: de maatschap kan bijvoorbeeld als zodanig in rechte worden betrokken of in rechte optreden. Verder wordt algemeen aangenomen dat een openbare maatschap, in tegenstelling tot een stille maatschap, een van het privévermogen afgescheiden maatschapsvermogen bezit.

Winst en verlies

De winsten en verliezen worden verdeeld in verhouding tot ieders inbreng, tenzij hieromtrent een andersluidende afspraak is gemaakt in het maatschapscontract. Het is evenwel verboden te bepalen, dat alle winsten aan een der maten zullen toekomen. Wel kan bepaald worden dat een der maten alle verliezen draagt.

Vennootschap onder firma (vof)

De vof kan worden gedefinieerd als een openbare maatschap die een bedrijf uitoefent. Ook deze maatschapsvorm ontstaat door het tot stand komen van de maatschapsovereenkomst/het vennootschapscontract tussen de oprichters. Een notariële akte is niet vereist, maar raadpleging van deskundigen is bij de vormgeving van zo’n contract van groot belang. Dit hangt vooral samen met de persoonlijke aansprakelijkheid van de vennoten.

Afgescheiden vermogen

Bij de vof wordt onderscheid gemaakt tussen het vennootschapsvermogen en de privévermogens van de firmanten. Het vennootschapsvermogen bestaat bij het begin van de vof uit het door de oprichters/firmanten bijeengebrachte vermogen (inbreng). Dit vermogen kan later aangroeien door gemaakte winsten of verhoging van de inbreng. Het vennootschapsvermogen noemt men ook wel het afgescheiden vermogen van de vof. Wat betreft het bestaan van het afgescheiden vermogen lijkt de vof op een rechtspersoon, zoals de B.V. In beginsel kunnen privéschuldeisers van de firmanten zich niet verhalen op het vennootschapsvermogen. Dit afgescheiden vermogen is primair bedoeld voor de zakelijke schuldeisers. Alleen zij kunnen het vennootschappelijk vermogen aantasten.

Bevoegdheid van de vennoten

Anders dan bij de maatschap, waar voor bevoegde vertegenwoordiging door een der maten volmacht van de overige maten vereist is, is iedere vennoot – in beginsel – bevoegd namens de vof te handelen. Een goede adviseur zal er op toezien dat uw samenwerkingsverband op de juiste wijze wordt ingeschreven.

Vof en aansprakelijkheid

Bij de vof is ieder van de vennoten hoofdelijk en persoonlijk aansprakelijk voor het geheel van alle vennootschapsschulden. Dit is dus anders dan bij een maatschap, waarin iedere maat voor een gelijk deel aansprakelijk is voor een maatschapsschuld.

Besloten Vennootschap (B.V.)

De oprichting van een BV kan alleen bij notariële akte.

De verklaring van geen bezwaar is afgeschaft evenals het verplicht minimumkapitaal.

Met de invoering van de zgn. ‘’Flex BV’’ is het BV recht ingrijpend gewijzigd. ‘’Flex’’ staat voor flexibel, hetgeen een versoepeling van de oprichting en van de inhoud van de statuten impliceert. Zo is met betrekking tot de oprichting van de BV het verplichte maatschappelijk kapitaal en daarmee ook het voorschrift dat ten miste 20% daarvan moet zijn geplaatst, afgeschaft. Ook de verplichting om op elk aandeel ten minste 25%, de bankverklaring bij storting in geld en de accountantsverklaring bij storting in natura niet meer vereist. Oprichting van een BV kan al voor een minimumkapitaal van 0,01 eurocent. Bij storting in natura (dat is inbreng van bijvoorbeeld een bestaande onderneming of bepaalde goederen) zal wel nog de waarde van deze onderneming dan wel goederen vastgesteld dienen te worden. Een accountantsverklaring is niet meer vereist.

Soms wordt voor de formele oprichting van de BV, reeds gehandeld voor die nog op te richten rechtspersoon. Nu de BV feitelijk snel is op te richten (1 dag in principe) is hier vaak geen behoefte meer aan. Raadpleeg indien u overweegt met een BV aan het maatschappelijk verkeer deel te nemen, een juridisch adviseur.

Statuten en inschrijving

De statuten van de vennootschap worden bij de notaris vastgelegd in de oprichtingsakte. In de statuten moeten allerhande belangrijke zaken die de vennootschap betreffen worden vastgelegd, zoals het bedrag tot welke de vennootschap aandelen kan uitgeven (het maatschappelijk kapitaal), de wijze van benoeming van bestuurders en commissarissen, de bevoegdheden van de diverse ‘organen’ en de manier waarop zij vergaderen, en de overdracht van aandelen. Ten slotte dient de B.V. te worden ingeschreven in het handelsregister. Deze inschrijving, die noodzakelijk is ter voorkoming van persoonlijke aansprakelijkheid van bestuurders, wordt door de notaris verzorgd. Wanneer alle aandelen in de B.V. in handen zijn van een enige aandeelhouder wordt dat in het handelsregister vermeld.

Thans kunnen de statuten heel flexibel worden ingericht. Zo zijn onder andere komen te vervallen: de verplichting voor elke aandeelhouder om ten minste een stem te hebben in de BV (er kunnen nl. stemrechtloze aandelen worden uitgegeven); de verplichting dat elke aandeelhouder in de winst moet delen (er kunnen winstrechtloze worden uitgegeven); de blokkeringsregeling kan al dan niet, dan wel aangepast worden opgenomen.

Organen

Iedere B.V. kent ten minste een algemene vergadering van aandeelhouders en een bestuur. In veel gevallen bestaat daarnaast nog een raad van commissarissen, terwijl in de praktijk ook wel andere organen voorkomen. Een B.V. wordt bestuurd door het bestuur (directie), bestaande uit een of meer bestuurders, ook wel directeuren genoemd. Regelmatig doet zich de situatie voor waarin de enige directeur tevens eigenaar van alle aandelen is. In het geval waarin alle aandelen van de B.V. bij één (rechts)persoon berusten (dit is ook het geval indien alle aandelen in één huwelijksgemeenschap vallen), is er sprake van een eenmans-B.V. Ten aanzien van zo’n eenmans-B.V. gelden bijzondere wettelijke eisen als het gaat om het vastleggen van bepaalde besluiten en het registreren van bepaalde rechtshandelingen die betrekking hebben op de relatie tussen de vennootschap en de enige aandeelhouder. Bestuurders worden benoemd en ontslagen door de algemene vergadering van aandeelhouders. Van dit orgaan maken alle aandeelhouders deel uit. Naast de bevoegdheid tot benoeming en ontslag van bestuurders, heeft de algemene vergadering van aandeelhouders nog een aantal andere belangrijke bevoegdheden. Het betreft hier onder meer de bevoegdheid om de statuten te wijzigen, nieuwe aandelen uit te geven en te besluiten tot ontbinding van de vennootschap. Wanneer een raad van commissarissen bestaat, is haar taak toezicht te houden op de directie van de vennootschap en deze te adviseren. De wijze van benoeming van commissarissen wordt geregeld in de wet. In de statuten kan van de wettelijke regeling worden afgeweken. Bij de niet zeer grote vennootschap wordt tenminste twee derde deel van het aantal commissarissen door de aandeelhoudersvergadering benoemd.

Aansprakelijkheid van aandeelhouders en bestuurders In principe zijn aandeelhouders nooit verder aansprakelijk dan tot het bedrag waarvoor zij deelnemen in de vennootschap. De aandeelhouder is met name niet aansprakelijk voor de schulden die de vennootschap heeft. Eerder werd opgemerkt dat een rechtspersoon, net als een mens, zelfstandig drager van rechten en verplichtingen is. Dit brengt onder meer met zich mee dat ook andere bij de vennootschap betrokken personen, zoals de directeur of commissaris, in principe niet in persoon kunnen worden aangesproken voor schulden van de vennootschap. De directeur van de vennootschap is meestal werknemer. Indien hij zijn taak als bestuurder goed verricht, zal hij noch door de vennootschap noch door derden kunnen worden aangesproken voor schulden van de vennootschap. Dit ligt anders wanneer de directeur niet naar behoren heeft gefunctioneerd en er sprake is van ‘onbehoorlijk bestuur’. Wanneer er sprake is van onbehoorlijk bestuur, en de vennootschap door dit bestuur schade lijdt , kan de bestuurder in persoon door de vennootschap worden aangesproken. Ook kan, bij onbehoorlijk bestuur waardoor een derde schade lijdt, een bestuurder in privé worden aangesproken door die derde.

Met de invoering van de Flex BV is de aansprakelijkheid van bestuurders verscherpt. De bestuurder dient nl. de uitkering van winst aan de aandeelhouders, goed te keuren. Alvorens zij deze goedkeuring kunnen verlenen, dienen zij een uitkeringstest te doen. Hierbij dienen zij na te gaan of de vennootschap na de uitkering in staat zal blijven om aan haar bestaande en voorzienbare opeisbare verplichtingen te voldoen. Indien bijvoorbeeld achteraf mocht blijken dat de BV door de uitkering failliet raakt, dan zijn de bestuurders voor het tekort aansprakelijk. Wel is het zo dat de aandeelhouders die de uitkering hebben ontvangen ook primair aansprakelijk zijn, indien zij wisten dat de BV door de uitkering in financiële problemen kon raken.

Evenzo geldt dit voor onbehoorlijk bestuur van commissarissen, wanneer die er zijn. De wet noemt een fors aantal situaties waarin de bestuurder persoonlijk aansprakelijk kan zijn. Zo kan de directie persoonlijk aansprakelijk zijn voor de afdracht van loonbelasting, btw en sociale premies, indien de vennootschap niet kan betalen en deze (dreigende) betalingsonmacht niet tijdig aan fiscus en/of bedrijfsvereniging is gemeld. Daarnaast kan de directie in persoon aansprakelijk zijn bij faillissement van de vennootschap. Deze aansprakelijkheid kan zich slechts voordoen wanneer sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur dat een belangrijke oorzaak van het faillissement vormde. De vordering tegen de bestuurders kan slechts worden ingesteld op grond van onbehoorlijke taakvervulling in de periode van drie jaren voorafgaand aan het faillissement.
Ook de commissarissen van een B.V. vallen onder de werkingssfeer van deze antimisbruikwet. Het verdient aanbeveling bij de keuze van de rechtsvorm uitgebreid advies in te winnen over de mogelijkheden van aansprakelijkstelling in privé en over de mogelijkheden van verzekering van de risico’s.

Publicatieplicht

Ten slotte is iedere B.V. en N.V. verplicht tot het opmaken en publiceren van een jaarrekening. De eisen die de wet aan de jaarrekening stelt, variëren naargelang de omvang van de vennootschap.

De eenmansvennootschap

Sinds enige tijd kent de wet bijzondere voorschriften voor de zogenaamde eenmansvennootschap. Dit is een B.V. of N.V. waarvan alle aandelen in één hand zijn, dus door één mens of rechtspersoon worden gehouden. De wet kijkt vooral naar de feitelijke zeggenschap in de vennootschap. Aandelen die in een huwelijksgemeenschap vallen, worden niet aan beide echtgenoten toegerekend, maar worden geacht één pakket te vormen. Aandelen die door de vennootschap zelf of door een dochtermaatschappij worden gehouden, tellen niet mee voor de vraag of de aandelen in één hand zijn. In de praktijk komt deze situatie van alle aandelen in één hand het meest voor bij de B.V.
Om een eenmans-B.V. te zijn, is slechts het aandeelhouderschap van belang. Het is dus niet noodzakelijk dat de enige aandeelhouder ook [enige] directeur van de vennootschap is. De eenmansvennootschap moet aan de volgende voorschriften voldoen: door publicatie in het handelsregister moet bekend worden gemaakt dat de eenmans-B.V. is ontstaan; ook de beëindiging ervan moet zo bekend worden gemaakt; alle besluiten van de aandeelhoudersvergadering moeten schriftelijk worden vastgelegd; deze stukken moeten ter inzage komen te liggen op het kantoor van de vennootschap; ook bepaalde handelingen die tussen de B.V. en haar enige aandeelhouder worden verricht, en die niet passen binnen de normale bedrijfsuitoefening van de B.V., moeten schriftelijk worden vastgelegd. Wie niet voldoet aan deze specifieke voorschriften pleegt een economisch delict en kan worden gestraft.